s’ochtends met mijn vrouw Jacqueline naar het centrum van onze woonplaats geweest om iets voor haar verjaardag te kopen. Toen we thuis kwamen begon ik met het schillen van de aardappels. Een gewoon licht werkje dat bij het dagelijks leven hoort. Maar voor mij was dat net de druppel, waardoor ik lichamelijk instortte en niets meer kon. Precies op dat moment kwam een bekende Pinkstervoorgangster van ons aan de deur. Ze had het op haar hart gekregen om naar ons toe te gaan, om een vloerkleed te brengen. Ze gehoorzaamde haar ingeving en kwam op het juiste tijdstip. Omdat ze uit eigen ervaring wist wat een burn-out is, zei ze dat ik lichamelijk was ingestort en met alle activiteiten moest stoppen om véél rust te nemen. Mijn lichaam kon niet anders dan gehoorzamen. Iedere kleine inspanning was te veel, waardoor ik alleen maar kon liggen en liggen. Ik dacht dat ik na een weekje rust er weer bovenop was. Maar dat had ik goed mis! Het gevoel van uitputting bleef. Op de verjaardag van Jacqueline was zelfs een leeg bord nog te zwaar voor mij om naar de keuken te brengen. Van de stoel naar de keukendeur gaf het gevoel alsof ik de marathon had gelopen. Ik wist dat er iets goed mis met me was. En naar de huisarts toe gaan lukte me niet.
Op een middag belde ik naar mijn huisarts toen hij telefonisch spreekuur had. Hij luisterde naar mijn klachten en bevestigde dat mijn lichaam ingestort was. Hij gaf het advies om elke dag 30 minuten te lopen, al zou ik daarna verder de hele dag op bed liggen. Lopen was nodig om weer energie te krijgen. Ik dacht: ”O, is dat alles, dan ben ik er in een maand weer bovenop.” Maar ook dát bleek niet waar te zijn. Het leven bestond voor mij uit: elke dag de hele dag op bed liggen en naar de lucht te staren, en s’avonds een half uurtje lopen. Dat lopen leek meer op kruipen, omdat ik door de instorting “verlamd” was. Halve tegel voor halve tegel kroop ik langzaam over de straat. Mijn hele lichaam deed daar zeer van. En mijn onderbenen en voeten voelden als blokken beton. Iedere stap die ik zette was het verplaatsen van een blok beton. Terwijl de spieren pijn deden, ik last van duizeligheid had, neigingen tot hyperventilatie, en veel spanning overal, bleef ik doorlopen in weer en wind tot ik 30 minuten had gelopen. Daarna lag ik uitgeput op bed. Ik zag uit naar de wandeling van de volgende dag, omdat ik dan even naar buiten kon. Hoe zwaar mijn avondwandelingetjes ook waren, ik bleef doorzetten, omdat ik voelde dat ik er een beetje energie door kreeg.
In het begin telde ik de dagen dat ik al ingestort was. Later telde ik de weken en uiteindelijk de jaren.
Ook had ik slaapproblemen. Ze werden soms zo erg, dat ik een hele nacht niet geslapen had of maar 1 uurtje. Hoe kwam dat? Mijn lichaam was overgevoelig en de stresshormonen zaten door elkaar. Als ik mij ook maar een heel klein beetje ergerde aan het niet in slaap kunnen komen, dan kon ik de slaap voor de rest van de nacht vergeten. Hoe goed de adviezen van sommige mensen ook bedoeld waren: ze hielpen niet. De een zegt: “Drink warme melk met een aspirine voor het slapen gaan.” De ander zegt: “ Neem slaap- of kamillethee.” ”Neem een pilletje van de drogist op natuurbasis,” zegt de ander. Boeken over ontspanningoefeningen en slaapproblemen hielpen ook niet. Omdat ik op den duur zo geradbraakt was, kwam de huisarts bij mij thuis. Door te weinig slaap, kreeg ik er bijna geen woord uit. Daarom schreef hij mij een goed medicijn voor om te ontspannen en te slapen. Niet dat meteen alle slaapproblemen opgelost waren. Ik was al blij als ik 2 uurtjes geslapen had. Gelukkig kon ik s’nachts ook bellen met mijn pastoraal begeleider. Door de gesprekken met hem en het accepteren van de slaapproblemen, begonnen de voorgeschreven medicijnen beter te werken en kreeg ik s'nachts meer slaap. En door meer slaap, had ik overdag ook iets meer energie om 30 minuten te wandelen. Als ik wandelde, moest ik zo weinig mogelijk te maken hebben met: de stoep op en af, op en af, omdat het betreden van een stoep, voelde als het betreden van een berg. De overgang van de straat naar de stoep kostte erg veel energie. Hoe langzamer ik liep op een vlakke ondergrond, des te beter. Ook moest ik zo weinig mogelijk tegen de wind in lopen, hoe zacht ie ook was, om snelle uitputting te voorkomen. En als ik verkouden was, moest ik nóg voorzichtiger zijn. Ik weet nog dat ik tijdens m’n eerste verkoudheid door bleef lopen, hoe duizelig ik ook was, om die 30 minuten vol te maken. Het resultaat was, dat ik door de verzuring in mijn benen (spieren) nog maar 3 minuten per dag kon lopen. Na verloop van tijd kon ik door heel rustig op te bouwen, met horten en stoten, weer 30 minuten lopen. Zomaar opbouwen naar meer minuten lukte niet. Daar was véél tijd en geduld voor nodig.
Ja, het was zó erg met mij dat onze huisarts mijn vrouw had verteld dat ik er niet weer bovenop zou komen. Hij verwees mij door naar een psychotherapeut om uit te kunnen praten maar zij kon niets voor mij doen. Na 5 minuten was ik alweer buiten.
Mijn pastoraal begeleider noemde mij regelmatig een "wrak." Maar daarnaast zei hij me dat mensen me opgegeven hebben maar er door de Weg van Jezus te gaan er hoop is.
Ach, en dan heb je altijd weer van die mensen die met zogenaamde goede raad komen. De een zei:” Als je niet kunt lopen, dan moet je proberen te fietsen.” Maar dát lukte helemaal niet. Na een paar minuten fietsen kon ik nóg minder lopen. Weer een ander zei:” Je moet in huis aan het werk en dat langzaam opbouwen. Vandaag 1 kopje afwassen en morgen 2 en dan 3.” Maar dat werkt ook niet! Van één klein schroefje in een zachte muur draaien, kwam ik al de hele dag op bed te liggen! Het herstel ging niet zo snel. Maar de mensen om je heen verwachten dat wel. Ze komen met allerlei onzinnige raadgevingen waardoor je zo snel mogelijk weer hersteld zou zijn. Het goede advies van mijn begeleiders om niets van anderen aan te trekken had ik dan uiteindelijk ook opgevolgd, met goed resultaat. Mensen die dit nog nooit gehad hebben weten zogenaamd zó goed hoe je hersteld wordt. Maar hun adviezen zorgen juist voor het tegenovergestelde: afbraak, verder de vernieling in, terugslagen. Omdat ik niet snel genoeg herstelde waren de mensen om mij heen er overtuigd van dat er voor mij geen hoop was. Volgens hen zou ik een "wrak" blijven. En ja, wat ga je in zo'n situatie doen?
Het beste is om je oren te sluiten voor al die negatieve stemmen.
Het allerbeste advies heb ik in het verleden geleerd van wereldevangelist wijlen Johan Maasbach. En dat advies is om het Woord van God te belijden in alle omstandigheden. Ook in moeilijke tijden. Ook als je ziek bent. Daarom heb ik vanaf het begin Jesaja 53:5 beleden: "En door Zijn striemen is ons genezing geworden." Als ik wandelde/ "kroop" op straat dan zei ik in mezelf: "En door Zijn striemen ben ik genezen." Daarnaast sprak ik tot mijn lichaam datgene wat we lezen in 1 Petrus 2:24: "En door Zijn striemen zijt gij genezen."
Maar hoe het ook zij, er begon zich iets anders in mijn lichaam voor te doen. Ik kreeg zo’n last van pijn in mijn darmen, dat het eten voor nóg meer pijn zorgde. Iedere hap viel als een blok steen in mijn buik. Het werd op den duur zo erg, dat zelfs het drinken zeer deed. Van mijn huisarts kreeg ik medicijnen, maar die hielpen niet. Hij schreef mij weer andere medicijnen voor, maar die hielpen ook niet. Ook hielpen de medicijnen met direct die ik daarna kreeg. Wat een frustratie. Omdat de pijn maar niet over ging,bracht mijn zusje mij met de auto naar mijn huisarts. Van hem moest ik na het gesprek met hem direct door naar het ziekenhuis voor een bloedonderzoek. En dat vond ik beslist niet leuk. Ik vroeg me namelijk af of ik daar wel genoeg energie voor had. Maar ja, om te weten wat er aan de hand is en andere kwalen uit te sluiten, heb je dat onderzoek er wel voor over. Dus…'hup' in de auto en naar het ziekenhuis. Gelukkig zette mijn zusje de auto niet te ver van de ingang, zodat ik niet te ver hoefde lopen. Niet ver? Toen we eenmaal binnen kwamen, zagen we dat er een verbouwing aan de gang was. Niks geen korte weg maar een “toeristische” route. Langzaam 'kroop' ik door de gangen naar de afdeling waar we moesten zijn. Toen ik mij meldde, kreeg ik te horen dat ik een ponskaartje nodig had. En die had ik niet. Ik vertelde dat de dokter had gezegd dat ik die niet nodig had. Maar ik moest er van die juffrouw een halen. “Ja, dat kan ik niet hoor,” antwoordde ik. Ik had al zo’n lange weg afgelegd en geen energie meer om een en weer te lopen. Gelukkig kon mijn vrouw, die ook mee was,een pasje voor me halen en meteen nam ze ook een rolstoel voor me mee, voor de terugweg. Eindelijk kon ik geholpen worden. Ik dacht dat het om één buisje bloed ging. Maar nee, ze hadden er meerder nodig. En ja, als het bloed eenmaal afgetapt is en goed stroomt, dan gaat de rest vanzelf. Ahum! Een paar dagen later kreeg ik de uitslag. Ik had schoon bloed! Wat een opluchting. De dokter vertelde mij dat mijn pijn van verdriet kwam en dat ik maar veel moest praten met mijn pastoraal begeleider. Dit bleek het beste advies te zijn. Want toen ik mijn begeleider beldeen mij dag en nacht kon uitspreken, verdween de pijn! De oplossing was dichter bij dan ik dacht. Steeds als de pijn weer iets naar boven kwam en ik met hem sprak, ging het ook weer weg. Je kunnen uitpraten werkt genezend! Maar wat ook hielp was schrijven. Soms kon ik maar één zinnetje schrijven en andere keren iets meer. Maar dat schrijven hielp mij wel om mijn gevoelens te uitten.
Wat mij ook heel goed deed was dat ik in dit dal van Dr.David Maasbach zijn boek gekregen heb: "Verlies nooit je geloof." Alleen al de titel was een bemoediging om het NOOIT op te geven.
En wat betreft het herstel van mijn lichaam, merkte ik dat het toch steeds ietsjes beter met me ging. Niet snel, maar heel, heel langzaam. Per dag gezien zag ik weinig of geen vooruitgang. Maar als ik steeds terug keek op het afgelopen half jaar, dan ging het toch steeds beter…
O, er valt nog zoveel te schrijven, maar wat ik geschreven heb is, om mensen te bemoedigen die zich ook in een dal bevinden. Ik weet wat je voelt. Maar vergeet niet: laat geen wanhoop toe als je weg naar herstel langer duurt dan je verwacht! Het komt goed als je kiest voor de beste weg! En de beste Weg is: Jezus Christus! Op Zijn tijd zal Hij voor uitkomst zorgen.